antti

Het zijn de eerste barsten in de Oostenrijkse gastvrijheid, constateerde zwager Theo. Bij een diner voor de deelnemers aan het kunstfestival minus20degree gaf iemand geld om af te rekenen, maar gaf de ober geen wisselgeld terug. ‘Omdat je hier altijd fooi moet geven’, zei de ober. En er was een taxichauffeur die de afspraak niet nakwam, van 5 euro per persoon voor brengen en terugbrengen. Hij bracht ons, maar wilde direct weg. Na aandringen bleef hij toch wachten, om aan het eind van de rit een extra bedrag te vragen. De Landesminister Salzburg zat ook in de taxi en sprak er schande van. Oostenrijkers willen deze banen niet, dus moet je wel met Oost-Europeanen in zee, was de teneur. Die bevolken inmiddels ook de pisten.

Het waren de enige smetjes op een fijne week. Op de aankomstdag sneeuwde het flink, wat prima sneeuw opleverde voor de rest van de week – en er was elke dag zon. Het plezier zat ook in het kunstfestival, dat dit jaar voor de vijfde keer werd gehouden. Zwager Theo Deutinger organiseert het (gesteund door zijn vrouw Monique Leenders), met onder anderen architecten Stefanos Filippas en Ana Rita Marques. Dit jaar werden negen kunstwerken gepresenteerd rond het thema Global Village (dat voor drie dragen bestond, gebouwd door studenten uit Münster). Er was onder meer werk van de fin Antti Laitinen, die landschapskunst maakt. Dit keer transformeerde hij een boom. Op zoek naar het perfecte exemplaar (10 kilometer verderop, vandaar de taxirit) zag hij een bevroren meer, waarop hij vroeg waarom niemand gaten in het ijs hakt, zodat je er kunt zwemmen.

Naast mijn eigen poëziebijdrage aan het open podium was er nog het absurde theater van Wolfgang Obermair en Peter Fritzenwallner. Ze hadden gedurende het festival een aantal performances, met op de laatste dag een processie naar de ingang van het dorp waar een kunstberg staat als poort naar Flachau. Je kunt er naar binnen, hadden de kunstenaars uitgevonden, die de stoet (onder wie Roos en ik) de berg inleidden. Daar was poppenspel en zongen de processiegangers in canon Das Ende ist Nah, Das Ende is Nah Hurra, Hurra, Hurra.

Het einde diende zich niet direct aan, maar zo het komt, dan was u gewaarschuwd. We hebben erg hard gezongen.

Goed volk?, vraagt mijn vader als ik op de deurbel druk. Ja, goed volk, is het standaard antwoord, of iets anders, maar dat hoort ie toch niet. Eenmaal binnen blijkt dat hij een groot blauw oog heeft. Daarnaar gevraagd is hij vorige week in huis gevallen, plat op zijn gezicht, dus een grote bloedneus erbij. De bloedvlek, grapt ie later, is een mooi aandenken. Griezelig is het ook. Hij heeft in zijn val de buffetkast op een haar na gemist. De noodknop op zijn polsband werd door de val ook ingedrukt, bij toeval, waardoor er snel hulp was.

Hij zegt verder dat zijn toch al slechte zicht (één oog blind, één op vijftig procent) nog verder terugloopt. Ik vraag of ie het nog redt, naar bed gaan, douchen, de dagelijkse gang naar het tehuis aan de overkant, maar dat wimpelt hij af. Gaat prima. Mijn vader is een trots man, die zich niet graag afhankelijk maakt van anderen. Gelukkig trekken anderen zich daar niets van en hij krijgt spontaan hulp, van vooral mijn zus Marjon en broer Robbert, die een oogje in het zeil houden en (onder meer) boodschappen voor hem doen.

Het gesprek vandaag ging zoals alle andere gesprekken, met vaste rituelen over werk (dan heb je tenminste vakantiedagen, ik moet alles in mijn vrije tijd doen), over reizen en over de keuze tussen twee diners in het tehuis waar hij elke dag eet. Vragen buiten dat kader zijn bij voorbaat kansloos, want hij weet het toch niet meer. Op de weg terug zegt Roos dat zij weinig kan inbrengen, in ons vader-zoon-ritueel, maar dat ze merkt dat hij het wel fijn vindt dat we op bezoek komen. Te weinig, moet ik bekennen.

In Toms Ierland vergeleek een econoom de Brexit met het vertrek van Geri Halliwel uit de Spice Girls, die ook dacht het alleen te redden. De Britten overschatten zichzelf al honderden jaren, stelde de econoom. Door het vertrek uit de Europese Unie zijn ze niet langer de dominante partij maar de ontvangende en heeft Duitsland Engeland by the balls. Ierland beleeft een nieuwe bloeiperiode, the Celtic Phoenix (in de jaren 90 nog de Celtic Tiger), maar die komt in zwaar weer. Ierland is erg afhankelijk van de export van landbouwproducten (zestig procent van het vlees gaat naar de overkant) en de grote bedrijven die zich er nu vestigen, zoals Facebook en Google, bieden geen garanties voor de lange termijn. Is het belastingklimaat elders gunstiger, dan zijn ze weg.

Ik heb wat met Ierland, waar ik in 2001 een jaar woonde, in Dublin. Ik werkte toen voor UPS, voor het callcenter. Ook een bedrijf dat op belastingvoordelen uit is.

De laatste weken zat ik mijzelf vreselijk in de weg, door berichten die niet loskwamen of ingrijpend veranderden, wat frustreert. Ook waren er collega’s buiten de dienst die me als inktkoelie zagen, die zelf even bepaalden dat ik een stuk moest schrijven. Maar de omslag is gemaakt, door twee dagen in Den Haag, waar ik lekker heb gewerkt. Ook heb ik concrete plannen voor artikelen in het personeelsblad, waarmee ik in januari begin. Het plan is afdelingen te bezoeken die weinig voor het voetlicht komen, zoals Intake & Service en Arrestantenzorg. Zin in.

In januari moet ik even droogvallen. Het is de laatste maanden te verleidelijk om niet even een glaasje te drinken. Ik heb daardoor een bolle kop en de buik groeit, ook al sport ik twee, vaker drie keer per week. Roos vond trouwens nog twee prachtige musea in Japan. De voorpret groeit en groeit.

Ik lees te weinig poëzie, voor de liefhebber die ik ben. Wel lees ik elk nieuw gedicht van Ton van ’t Hof, die de laatste tijd veel goeds produceert, naast het proza dat hij dan blog noemt. Los van dat kan meer poëzie geen kwaad. Omdat het de zinnen verzet en dat heeft elk mens nodig (en dat hoeft niet per se met poëzie). Voor werk bijvoorbeeld. Ik loop al wat jaren mee en weet hoe dingen kunnen gaan. Dan voorzie ik problemen en waarschuw daarvoor om vervolgens te zien dat het zich precies voltrekt als voorspeld. Alleen heb je er niets aan om gelijk te krijgen. Meebewegen is beter.

Roos heeft het gat in onze Japanse rondreis komend voorjaar gevuld. Naar aanleiding van een NRC-artikel over Odawara Art Foundation van Hiroshi Sugimoto (‘Een paradijs, maar dat besef je juist pas als je weg bent. Dan wordt het een vluchtplaats in je hoofd’, schrijft Hans den Hartog Jager) kwam ze uit bij het Shoji Ueda Museum of Photography, in Houki, waarvan alleen al het gebouw uiterst indrukwekkend is. We zochten nog een bestemming tussen Okayama en Osaka in en hebben die nu gevonden.

We aten weer verrukkelijk dit weekeinde. Op zaterdag tarbot met gegrilde groente en op zondag geitenvleessaté met sajoer boontjes. Alles kan een mens gelukkig maken, wist ik: poëzie, zelfkennis en lekker eten bijvoorbeeld.

Het leuke van ons is dat we plannen maken en die oprecht willen uitvoeren, en dat dit vaak lukt, maar evenzo vaak niet. Dan laten het heilige moeten varen en neemt het alternatief van lekker niets doen de overhand. Zo zouden we gaan wandelen vandaag, bij een fort nabij Weesp, wat we zouden combineren met de auto wassen. Die moest gewassen, want hij was zo smerig dat iemand een kaartje tussen de ruitenwissers had gedaan dat ie wel interesse had. Stond de auto een week langer, dan waren er advertenties bijgekomen en zou ie de week daarop als wrak zijn afgevoerd. Door even naar de zelf-doen-wasserette te gaan, bespaarden we onze auto een vreselijk lot. Maar na het sporten, was de puf er toch uit en besloot ik de auto zelf door de wasstraat te halen. Daar gekomen droeg ik onbedoeld bij aan het fenomeen dat alleen mannen auto’s wassen. In de soepel werkende autowasfabriek (er waren zeker twintig auto’s die tegelijk werden schoongemaakt) zag ik enkel mannen, met soms een zoon. Ook bij het stofzuigen geen enkele vrouw. Dat laatste mag je vooruitgang noemen, dat dit niet langer vanzelfsprekend de taak is van de vrouw, waarbij gezegd dat ik in huis die rol al jarenlang vervul, uit eigen beweging. Ik maak schoon, Roos kookt de sterren van de hemel.

Heb na het nodige geploeter eindelijk Grand Hotel Europa uit, wat enkel komt door die (te?) gemakkelijke levenshouding van de waan van de dag volgen. Er is altijd iets anders te doen, al is het maar bepalen wat we willen eten. Vandaag een Indiaas visrecept en morgen de tweede keer genieten van de verrukkelijke stoofschotel van donderdag. Ik hoorde zojuist twee keer hard brullen uit de kroegen in de buurt, waardoor ik begrijp dat Ajax twee keer scoorde. Op een of andere manier vind ik voetbal zo wel te pruimen. Roos ging met een vriendin en petekind bij wijze van proef woensdag Ajax Champions League kijken in de kroeg. Ajax verloor (wat ik wist, want ik hoorde geen gebrul) en over toeval ga ik het nu niet hebben.

Mijn Duitse neef Carsten heeft tot mijn verrassing zijn carrière als financieel adviseur aan de wilgen gehangen, lees ik op zijn blog. Hij reist momenteel geheel alleen door Schotland als Munro Bagger. Munro’s zijn bergen hoger dan 3000 voet en zijn vernoemd naar Sir Hugh T. Munro (1856-1919), die 282 van dergelijke Schotse bergen in kaart bracht; wandelend en klimmend. Mijn neef doet ze aan met zijn WoMo (Wohnmobil), maar is sportief genoeg om er een paar te beklimmen.

Mijn neef is net 53 geworden, even oud als ik ben. Ik wil hem graag vragen waarom hij tot dit besluit is gekomen. Misschien kon het gewoon, zaak van de hand doen en met je gezin van de rente leven. Misschien is het ‘t besef dat je over de helft bent en je nog iets wilt doen, dat je ergens betekenis aan wilt geven. Ik denk niet dat je dat bereikt door 282 Schotse bergen te zien, maar ik vind het een heerlijk onzinnige keuze. Je kunt ook op pelgrimstocht gaan, een motor kopen of naar Drenthe of Groningen verhuizen, maar 282 bergen zien is nutteloos genoeg. Zou ik het doen? Zonder Roos? Geen denken aan, maar er schuilt een romanticus in mij, een man met een hang naar nostalgie. Die zomaar kan kiezen voor iets buitenissigs als een zwerftocht.

3E049313-CE25-4AE9-AB0D-A8F2ED415457Van alle Fransen leest negentig procent elke maand een boek en dertig procent leest elke twee weken een boek, aldus het achtuurjournaal van TF1. Ik vond het goede cijfers en wilde weten hoe veel boeken Nederlanders lezen, maar het rapport Leestijd van het SCP had die cijfers niet. Wel constateert het SCP dat de leestijd bij ons sterk is afgenomen en dat als men leest, dat vooral online gebeurt. In Parijs voldeed ik aan geen enkele norm, wat ik toeschrijf aan het ontdekken van nieuwe buurten (dit keer bij Montmartre en niet bij Chateau d’Eau), nieuwe musea (Marmottan Monet en Fondation Louis Vuitton) en veel restaurantbezoek, met een voortreffelijk menu dégustation bij Le Chateaubriand voor de verjaardag van Roos.

Wat ons opviel was dat we vaak lang moesten wachten voor toegang, wat vorige jaren echt minder was. We stonden ook in de rij voor het Centre Pompidou en waren bijna aan de beurt toen bleek dat we niet in de rij stonden voor het museum, maar in die voor de bibliotheek. Snel naar de goede rij, maar die was twee straten lang, en vier uur later nog even lang, zodat we de tentoonstelling over Francis Bacon moesten missen.

We aten gisteren in Les Philosophes en kwamen in gesprek met een vriendelijk echtpaar uit Bretagne. Het bleken gepensioneerde kippenhandelaren met een pied à terre in het eerste district van zeventig vierkante meter; twee jaar geleden gekocht. We hadden al stevige prijzen gezien, zoals een zolderkamer van amper 18 vierkante meter voor 230.000 euro. Het echtpaar sprak over 15.000 euro per vierkante meter (wij berekenden later dat hun appartement ruim 900.000 euro moet hebben gekost), maar dat het in New York – waar hun zoon werkt – helemaal uit de hand loopt. Een kamer van 40 vierkante meter kost hem 6000 dollar huur per maand. En al die tijd spraken we Frans, wat ons verrassend goed afging. We meenden alleen eet-Frans te beheersen (dat je weet wat je bestelt en dat je dat uit kunt spreken), maar het gesprek verliep vlot. Mede dankzij de lieve dame die haar best deed om rustig te praten.

Bij de tramhalte bij vertrek landde een duif op mijn bemutste hoofd, wat leuk was voor de toeristen die er ook stonden. De duif wilde maar met moeite van mijn hoofd en ging dus toen op mijn rug zitten. Met dat gefladder leek het alsof een vleermuis in mijn nek wilde kruipen. Vervolgens ging ie nog op mijn koffer zitten. Ergens online las ik dat de duif vrede en harmonie brengt en dat de duif je vraagt om je in verbinding te stellen met je hogere zelf, om in harmonie te leven met het universum. Maar dat had ik al gedaan in Puerto de Santa Maria …